Mensenrechten in hypermoderne wereld
Monday, April 6th, 2009
Dit is een oud bericht, gered uit het vagevuur der blogrobotkapers. Oorspronkelijke publicatiedatum: 18 februari 2009, toen Hilary Clinton net in China was geweest.
Eén van de dingen die me is bijgebleven van de serie De Geglobaliseerde Glazen Bol is een opmerking van de Indiër Pratap Bhanu Mehta. Pratap vertelde dat de Indische en Chinese elites hun kinderen naar school sturen in de Verenigde Staten, waardoor de elites van deze drie landen steeds meer met elkaar verweven raken. Ze vinden elkaar omdat ze in moderne samenlevingen leven. Volgens Pratap, en ik vat het nu even grof samen, snappen ze dan ook niet veel van dat postmoderne geleuter van Europeanen.
Het traditioneel moderne karakter van de opkomende landen blijkt zeker uit hun buitenlandse beleid. Alhoewel Pratap in eerste instantie tijdens de aflevering vorig jaar in januari veel nadruk legde op het andere karakter van India en dat India daarom een andere grootmacht zou worden dan wat de wereld tot nu toe heeft gezien, moest hij toegeven dat in de dagelijkse praktijk in Afrika en Myanmar niet veel verschil is. Belangen, met name economisch, gaan boven andere zaken.
Dat de Chinezen en Amerikanen deze werkwijze delen en elkaar hierin zullen vinden, werd in de Bol voorspeld. De afgelopen week werd de eerste belangrijke stap gezet. Minister van Buitenlandse Zaken Clinton meldde dat mensenrechten geen prioriteit is in haar relatie met China.
Human Rights Watch en Amnesty International hebben nog geprotesteerd, maar waarschijnlijk zal het niet veel uitmaken. Verstandiger zou het, denk, ik zijn als deze organisaties, en veel Europese landen, de eigen strategie tegen het licht gaan houden. Hoe kunnen belangrijke zaken als mensenrechten worden behouden in de duidelijk andere wereld van de toekomst, die niet conform de verwachting postmodern is, maar hypermodern?
Ik heb er (nog) geen antwoord op, maar zou er graag nog wat programma’s over maken, bijvoorbeeld over de nieuwe architectuur van de internationale gemeenschap.
Dit is een oud bericht, gered uit het vagevuur der blogrobotkapers. Oorspronkelijke publicatiedatum: 18 februari 2009, toen Hilary Clinton net in China was geweest.
Eén van de dingen die me is bijgebleven van de serie De Geglobaliseerde Glazen Bol is een opmerking van de Indiër Pratap Bhanu Mehta. Pratap vertelde dat de Indische en Chinese elites hun kinderen naar school sturen in de Verenigde Staten, waardoor de elites van deze drie landen steeds meer met elkaar verweven raken. Ze vinden elkaar omdat ze in moderne samenlevingen leven. Volgens Pratap, en ik vat het nu even grof samen, snappen ze dan ook niet veel van dat postmoderne geleuter van Europeanen.
Het traditioneel moderne karakter van de opkomende landen blijkt zeker uit hun buitenlandse beleid. Alhoewel Pratap in eerste instantie tijdens de aflevering vorig jaar in januari veel nadruk legde op het andere karakter van India en dat India daarom een andere grootmacht zou worden dan wat de wereld tot nu toe heeft gezien, moest hij toegeven dat in de dagelijkse praktijk in Afrika en Myanmar niet veel verschil is. Belangen, met name economisch, gaan boven andere zaken.
Dat de Chinezen en Amerikanen deze werkwijze delen en elkaar hierin zullen vinden, werd in de Bol voorspeld. De afgelopen week werd de eerste belangrijke stap gezet. Minister van Buitenlandse Zaken Clinton meldde dat mensenrechten geen prioriteit is in haar relatie met China.
Human Rights Watch en Amnesty International hebben nog geprotesteerd, maar waarschijnlijk zal het niet veel uitmaken. Verstandiger zou het, denk, ik zijn als deze organisaties, en veel Europese landen, de eigen strategie tegen het licht gaan houden. Hoe kunnen belangrijke zaken als mensenrechten worden behouden in de duidelijk andere wereld van de toekomst, die niet conform de verwachting postmodern is, maar hypermodern?
Ik heb er (nog) geen antwoord op, maar zou er graag nog wat programma’s over maken, bijvoorbeeld over de nieuwe architectuur van de internationale gemeenschap.
