Archive for the ‘Geglobaliseerde Glazen Bol’ Category

Effectiviteit van het maatschappelijk debat



Monday, September 14th, 2009

Aan ontwikkelingshulp schort veel. Het kan effectiever, efficienter en ga zo maar door. En mischien helpt het wel helemaal niet. De Balie heeft zich regelmatig zich met het debat bemoeit. Voor het laatst in De Geglobaliseerde Glazen Bol in mei 2008 met Andrew Mwenda, Simeon Djankov en Susan George. Wij waren daarin zeker niet uniek. Ook toen al stonden opiniepagina’s vol. Zelfs de gemeente Castricum heeft zich niet onbetuigd gelaten.keij003suik01ill48Eigenlijk is ontwikkelingssamenwerking nooit onomstreden geweest.

Maar het is niets in vergelijking met wat er de komende tijd op stapel staat. Ik heb even een overzichtje gemaakt van bijeenkomsten in Amsterdam.

15 september: De (on)zin van ontwikkelingshulp, CREA en SIB

17 september: De nieuwe aanpak van ontwikkelingssamenwerking; Zijn bedrijven betere armoedebestrijders, De Rode Hoed, aflevering 2

7 oktober: Stop de hulp. Waarom ontwikkelingshulp niet werkt en wat er wel moet gebeuren, Globalizeringslezing in Felix Meritis

15 oktober: Ontwikkeling kent geen shortcut, Wilde Ganzen in Felix Meritis

17 oktober: Ontwikkelingssamenwerking: Laat maar waaien! Politiek 2015 en NCDO in Felix Meritis

26 november: Symposium Effectiviteit van ontwikkelingshulp in Afrika, VU Podium

Is het niet eens tijd voor een programma over de effectiviteit van het maatschappelijk debat?

Androgyne geopolitiek



Monday, August 10th, 2009

De recession zou eigenlijk een he-cession moeten heten. Het woord was mij tot nu toe ontgaan, maar op tal van blogs en artikelen is het al een tijd in gebruik. Volgens Reihan Salam in Foreign Policy duidt de naam op het feit dat mannen de daders en slachtoffers zijn van deze recessie.

“The death of macho” van Salam is leuk om te lezen. Hij (ja het is een hij! En nog een conservatief ook!) geeft een nieuw perspectief op al langer bekende feiten. Met De New Deal in de jaren dertig werd uiteraard de economie vlot getrokken. In de ogen van Salam was het echter vooral bedoeld om mannelijke banen te redden, zodat de traditionele rol van de man als broodwinner door kon gaan. De huidige stimuleringspaketten zijn anders. Deze zijn niet meer gericht op sectoren waarin vooral mannen actief zijn, maar ook op sectoren met vrouwen. Zeker in de VS gaat dit op, met veel aandacht voor onderwijs en gezondheidszorg.

Salam denkt daarom dat in het Westen met deze recessie de blijvende doorbraak naar een gender gelijkwaardige samenleving tot stand komt. Hij sluit niet uit dat mannen zich daar nog tegen zullen verzetten (ik denk dan aan taferelen als in deze Bavaria reclame). Maar in de Westerse wereld gaat het gebeuren.

President PutinDit in tegenstelling tot andere landen waar mannen geen middel schuwen om hun positie te behouden. Salam wijst bijvoorbeeld op het Chinese stimuleringspakket dat vol zit met maatregelen om de man aan het werk te houden. Een ander voorbeeld in het artikel is Rusland. Met de Russische man is het slecht gesteld. Levensverwachting, gezondheid, werkloosheid, in alles leidt de Russische man een kwijnend bestaan. Behalve in het Kremlin. Het beleid vanuit Moskou draait om mannen. Juist vrouwen worden gemarginaliseerd. Het hele imago van het land is gericht om masculiniteit. Vandaar die foto’s van President Poetin. De Rus is de echte Bavaria man.

Zoals wel vaker met dit soort artikelen legt Salam iets teveel intentie in het handelen van de man. Er is geen sprake van een mannelijk complot. Als beleidsmakers blanke mannen zijn, dan is het beleid ook al snel gunstig voor blanke mannen. Dat heeft meer te maken met blinde vlekken dan kwaardaardige intenties. Maar dat maakt zijn conclusie - gender als het geopolitieke, en mogelijke gewelddadige, strijdpunt van deze eeuw - voor mij juist waarschijnlijker.

Aan de ene kant van de arena staan Westerse landen geleid door vrouwen en mannen. Dit zijn dus niet feminiene landen - gelijkwaardig! -, dus laten we voor het gemak spreken van androgyn. Aan de andere kant staan de masculiene landen. Die scheidslijn is wellicht al langer te zien, met een aantal Europese landen als androgyne voorbeelden en Rusland als het masculiene voorbeeld. De VS zal zich in het rijtje van androgyne landen scharen onder Obama, na een periode van hoog masculiniteit onder Bush. Ik weet wel dat het in de androgyne landen prettiger vertoeven zal zijn. Maar als het op geopolitiek aankomt (ouderwetse belangenverdediging en machtsprojectie), denk ik dat de masculiene landen beter af zijn. Die dood van macho wordt door Salam wellicht wat prematuur vastgesteld.

Los van al deze mondiale ontwikkelingen, stelt het mij vooral voor een persoonlijk dilemma. Ik was namelijk nou net bezig meer macho te worden.

Het einde van de armoede



Sunday, May 17th, 2009

Begin april stond in The Economist Neuroscience and Social deprivation. Mensen die opgroeien in armoede blijven het ook later in hun leven slecht doen, ongeacht politiek systeem of mooie beleidsplannen gebaseerd op weer nieuw sociologisch onderzoek. Nieuw onderzoek naar hersenactiveit toont echter aan dat opgroeien in armoede tot stressvolle omstandigheden leiden die het korte termijn geheugen beïnvloeden. Kinderen opgegroeid in armoede kunnen slechter informatie opslaan voor korte termijn gebruik dan kinderen uit de middenklasse.

Een paar weken later las ik een ander artikel, Brain Gain in de The New Yorker. Dit verhaal gaat over het gebruik van neuroenhancers met name onder studenten in de VS om prestaties te verbeteren. De drugs dragen vooral bij aan langer geconcentreerd blijven en daardoor meer aan kunnen op een dag. Zo kun je er wel best vijf papers meeschrijven, al moet je niet je beste werk verwachten, want je creatieviteit neemt niet toe. Maar dat hoeft misschien ook niet in ons tijdsgewricht, want de meeste werkgevers willen harde werkers, die vooral op tijd leveren. “Every time has its own drug”.

Wat mij echter het meest bij bleef, is dat drugs als Adderall het korte termijn geheugen stimuleren, de mogelijkheid om informatie op te slaan en op korte termijn weer te gebruiken. Wanneer dit geheugen al goed functioneert is het effect van de drugs beduidend minder. Mensen met een slecht functionerend korte termijn geheugen hebben de meeste profijt van het gebruik van de drugs. Oftewel, The End of Poverty bereiken we niet door miljarden aan arme landen te geven, maar door massaal Adderall aan armen te verstrekken.

Adderall, voor duurzame nivellering.

Obama is Superman (IV)



Tuesday, April 21st, 2009

Obama maakte goede sier toen hij zijn Europese tour afsloot met een speech over het uitbannen van kernwapens. Ko Colijn laat in zijn blog bij Vrij Nederland zien dat Obama weliswaar een duidelijk ander geluid laat horen ten opzichte van Bush, maar dat het niet echt om radicale voorstellen gaat.

Waar minder over bekend is en weinig over geschreven wordt, is de culturele context waarin nucleaire wapens begrepen en gewaardeerd worden. Als Obama iets moet doen, is het die context veranderen in de Verenigde Staten. De gewenste nucleaire wapen vrije wereld komt dan een stuk dichterbij. De context waar ik het over heb, kan het beste geïllustreerd met het werk van de Britse antropoloog  Hugh Gusterson. Hij was te gast in De Balie in november 2007. Gusterson is een van oorsprong Britse antropoloog, die al jaren woont en werkt in de Verenigde Staten. Hij begon ooit als anti-nucleaire wapen activist, maar hij raakte meer geïnteresseerd in het begrijpen van de mensen die aan de wapens werken - zijn tegenstanders - dan in actie voeren (hij is overigens nog steeds tegen de wapens). Hij zette een etnografisch onderzoek op om de werknemers van Livermore, één van de Amerikaanse wapen laboratoria, te doorgronden. De resultaten van dat onderzoek zijn prachtig beschreven in de boeken Nuclear Rites en People of the Bomb.

Eén van de belangrijkste kenmerken waarop de medewerkers hun werkzaamheden voor zichzelf verantwoorden, is de rotsvaste overtuiging dat wat zij doen in het lab bijdraagt aan een veilige wereld. De grondslag hiervoor ligt in de stand off met de Russen tijdens de Koude Oorlog. De wapensleutelaars zien zichzelf als helden van de Koude Oorlog; als de mensen die de overwinning mogelijk gemaakt hebben. En die overtuiging is breed gedragen in de Amerikaanse samenleving.

Een ander belangrijk element in de cultural context is de morele en rationele superioriteit van de Amerikanen, waardoor kernwapens bij de VS in veilige handen zijn. Bij de rest van de wereld daarentegen… Waren eerst de Russen onvoorspelbare, irrationale en gevaarlijke mensen die zomaar kernwapens konden inzetten, sinds het einde van de Koude Oorlog zijn dat vooral ‘rogue regimes’ en Derde Wereldlanden in het algemeen. Of zoals Hugh Gusterson het beschrijft:

“Third World countries are often represented in the discourse of proliferation as countries lacking impulse control and led by fanatical, brutal, or narcissistic leaders who might misuse nuclear weapons. Defense Secretary William Cohen, for example, referred to India and Pakistan as countries “engaging in chauvinistic chest-pounding about their nuclear manhood”.

Dit citaat komt uit het artikel Nuclear Weapons and the Other in Western Imagination (scan is helaas slecht, missen woorden van de linkerpagina) van Gusterson. Een artikel uit 1999, dus nog voordat Bush aan de macht kwam en de aanslagen van 11 september plaats vonden. Toen al schreef Gusterson: “Although the United States is not a theocracy, the American people have their own manifest destiny and divine calling that is not always so different from that of the Islamic fundamentalists whose nuclear ambitions they so fear.” Hij vervolgt deze opmerking met een aantal citaten van militairen en wetenschappers die bijvoorbeeld denken dat Jezus ook de bom zou hebben gegooid op Hiroshima.

Gusterson was in 2007 te gast in een aflevering van de Geglobaliseerde Glazen Bol (vanaf het fragment Do American nuclear scientists have a narrow worldview?). Hij vertelde dat hij jaarlijks een collegereeks voor Amerikaanse studenten geeft, waarin hij de aanvallen op Hiroshima en Nagasaki behandelt . Aan het eind van de reeks, dus nadat hij alle afwegingen heeft behandeld en alle schade heeft laten zien, vraagt hij wie van de studenten nu, met de huidige kennis, de bommen zou werpen. Elk jaar is dat een ruime meerderheid.

Als laatste illustratie van de Amerikaanse kijk op de eigen nucleaire macht, wil ik wijzen op de US Nuclear Posture Review (NPR) uit 2002. Hierin worden zeven landen genoemd als mogelijke nucleaire doelwitten; Rusland, China, Irak, Iran, Noord-Korea, Syrië en Lybië. Belangrijker is echter dat in het document geen echt onderscheid wordt gemaakt tussen nucleaire en conventionele wapens en dat de VS zich het recht voorbehouden om de wapens in te zetten, wanneer zij dat nodig vinden.

Het is vanuit die Amerikaanse setting heel jammer dat Obama ervoor koos om zijn toespraak over de kernwapens in het buitenland te houden en niet de VS zelf. Want als er ergens een cultuuromslag nodig is, dan is het in de VS. Nu laadt Obama de verdenking op zich, dat ook hij als rationele leraar de mondiale klas toespreekt dat het speelkwartier voorbij is en dat het de hoogste tijd is om volwassen te worden. En ik verdenk hem er verder van dat hij met een zogenaamde visonaire toespraak met name de Europeanen nog meer heeft willen paaien. Gezien de lovende reacties is dat gelukt. Obama is een grote held. Misschien is de gelijkenis met de toespraak van Superman in Superman IV dan ook helemaal geen toeval (zie vanaf 6.03 tot 7.20, ook al is de rest ook heel grappig). En dat het om de slechtste Superman film gaat, is dat dan ook niet.

Mensenrechten in hypermoderne wereld



Monday, April 6th, 2009

Dit is een oud bericht, gered uit het vagevuur der blogrobotkapers. Oorspronkelijke publicatiedatum: 18 februari 2009, toen Hilary Clinton net in China was geweest.

Eén van de dingen die me is bijgebleven van de serie De Geglobaliseerde Glazen Bol is een opmerking van de Indiër Pratap Bhanu Mehta. Pratap vertelde dat de Indische en Chinese elites hun kinderen naar school sturen in de Verenigde Staten, waardoor de elites van deze drie landen steeds meer met elkaar verweven raken. Ze vinden elkaar omdat ze in moderne samenlevingen leven. Volgens Pratap, en ik vat het nu even grof samen, snappen ze dan ook niet veel van dat postmoderne geleuter van Europeanen.

Het traditioneel moderne karakter van de opkomende landen blijkt zeker uit hun buitenlandse beleid. Alhoewel Pratap in eerste instantie tijdens de aflevering vorig jaar in januari veel nadruk legde op het andere karakter van India en dat India daarom een andere grootmacht zou worden dan wat de wereld tot nu toe heeft gezien, moest hij toegeven dat in de dagelijkse praktijk in Afrika en Myanmar niet veel verschil is. Belangen, met name economisch, gaan boven andere zaken.

Dat de Chinezen en Amerikanen deze werkwijze delen en elkaar hierin zullen vinden, werd in de Bol voorspeld. De afgelopen week werd de eerste belangrijke stap gezet. Minister van Buitenlandse Zaken Clinton meldde dat mensenrechten geen prioriteit is in haar relatie met China.

Human Rights Watch en Amnesty International hebben nog geprotesteerd, maar waarschijnlijk zal het niet veel uitmaken. Verstandiger zou het, denk, ik zijn als deze organisaties, en veel Europese landen, de eigen strategie tegen het licht gaan houden. Hoe kunnen belangrijke zaken als mensenrechten worden behouden in de duidelijk andere wereld van de toekomst, die niet conform de verwachting postmodern is, maar hypermodern?

Ik heb er (nog) geen antwoord op, maar zou er graag nog wat programma’s over maken, bijvoorbeeld over de nieuwe architectuur van de internationale gemeenschap.