Posts Tagged ‘democratie’

Grenzen aan cultuurrelativisme



Tuesday, March 15th, 2011

democratie1

Cultuurrelativisme bestaat in tal van geuren en kleuren. Over democratie en mensenrechten doen ook een hoop bekende redeneringen goed werk in de publieke wandelgangen.
Ik merk dat een bepaald soort cultuurrelativisme de laatste tijd weer in zwang is gekomen. Ik heb het hier voornamelijk over onderwerpen als universele mensenrechten en democratische staatshuishouding.
Beide – aan elkaar relateerde – begrippen worden dikwijls als typisch iets ‘Westers’ gezien, waarbij kanttekeningen worden gemaakt bij de vraag of het haalbaar is deze Westerse kernwaarden te implementeren in landen die buiten de Westerse periferie vallen.

Zo vraagt men zich openlijk af of democratie wel overal kan werken; of het sowieso wenselijk is dat democratie elders op de wereld wortel schiet; wordt de vrijheid van meningsuiting als iets Westers gezien en zegt men dat democratie best geïnstalleerd kan worden in dictatoriale regimes, maar dat deze democratieën zeker niet Westers hoeven te zijn. Sterker nog: er zijn alternatieven naast de liberale democratie.

Nu er een groots domino-effect door het Midden-Oosten waait, waarbij burgers geinspireerd raken door de revoluties en volkswoede om hen heen, staan we als mensheid wederom voor de vraag: ‘democratie en mensenrechten’, werkt dat wel in het Midden-Oosten?
Maar bovenal wordt iedereen gedwongen opnieuw na te denken over de vraag of cultuurrelativisme jegens genoemde onderwerpen wel wenselijk is. Persoonlijk wil ik vanaf heden afstand nemen van cultuurrelativisme.

Als volgt:

Natuurlijk  is het gemakkelijk cultuurrelativistische denkpatronen te volgen. Ook is het zelfs aan te raden terughoudend te zijn in dwingende claims over hoe anderen hun leven in moeten richten. De soevereiniteit van staten en het non-interventieprincipe, waarbij je bestaande volkeren zoveel mogelijk met rust laat, is natuurlijk erg belangrijk.
Toch is een principiële universele lijn die ik voorsta, waarbij je als mens weigert af te dingen op belangrijke zaken als mensenrechten en democratisch gedachtegoed, niet hetzelfde als anderen dwingen het fundamentele liberalisme met dito democratie te omarmen.

Daarnaast worden in de discussie rondom democratie en mensenrechten een aantal cruciale denkfouten gemaakt.

In de eerste plaats is er een verschil tussen een theoretisch uitgangspunt en een praktische uitwerking. Voor veel mensen is dit onderscheid verdwenen. De implicaties van dit onderscheid zijn dat begrippen als democratie en mensenrechten een ideële en principale basis hebben. Ondanks wat vaak wordt gedacht is democratie niet zozeer een middel, maar eerder een doel. Democratie is in strikte zin ook helemaal geen staatsinrichting. Een democratie is een imaginaire term. Een concept. Het bestaat wel degelijk, maar maakt eerder deel uit van een ideeënleer.

Met de notie dat democratie geen middel is maar een doel doel ik op een verondersteld verschil van inzicht, waarbij er twee opvattingen zijn. Een opvatting gaat uit van het feit dat democratie een methode is om te besturen. Democratie als bestuurlijk gereedschap. Democratieën zouden vooral efficienter zijn en een tevreden bevolking als resultaat hebben. Deze tevreden bevolking gaat hard werken en zorgt uiteindelijk voor noodzakelijke arbeid. En zo is het nut van een democratie bewezen, in ieder geval op economisch vlak.

De andere opvatting ziet democratie als doel. Op het democratisch ideaal berust vooral een principe. Niemand mag over een ander regeren en iedereen geniet dermate veel vrijheid om zijn of haar eigen leven naar eigen inzicht in te richten.

Welke opvatting is nu de juiste? Die vraag is lastig te beantwoorden. Maar dat de algehele filosofische en politicologische consensus de tweede opvatting – democratie als doel - aanhangt is niet heel lastig aan te tonen.

Daarnaast heeft het non-interventie-principe zich massaal in de hoofden van mensen geworteld na de door de Verenigde Staten geinstigneerde oorlogen in Afghanistan en Irak. Hierna heeft de goegemeente in het West-Europa een opmerkelijke conclusie getrokken: democratie in het Midden-Oosten? Ja, maar dan wel een tikkeltje anders, en vooral niet op de wijze zoals de democratie er in het Westen uitziet. En zeker niet met geweld.

Dat laatste is natuurlijk een voorwaarde. Dat hebben we wel geleerd van de oorlogen in het Midden-Oosten de afgelopen 10 jaar. Maar dat neemt niet weg dat het doel blijft staan. Democratie, met alle bijbehorende vrijheden. Democratie zonder mensenrechten is onmogelijk. Mensen zijn dan niet in staat zichzelf te besturen. Mensen besturen zichzelf sowieso niet, indien er sprake is van schending van mensenrechten.

En hier kom ik op het volgende punt: dat het ook anders kan dan een liberale democratie is luchtfietserij. Een democratie is per definitie liberaal. Dit omdat de grondslag van elke democratie bestaat in het concept vrijheid. En dit is precies de reden dat mensenrechten 1-op-1 horen bij elke democratie.

Tot slot: vaak wordt gesteld dat eventuele nieuwe democratieën in de Arabische wereld er heel anders uit kunnen zien dan Westerse democratieën. Men gaat er dan gemakshalve aan voorbij dat ‘ de Westerse democratie’ nogal lastig eenduidig te definiëren valt.
Zo is de Amerikaanse democratie volstrekt anders dan de Spaanse, en functioneert het Nederlandse stelsel volstrekt anders dan de Zwitserse, met haar kanton-besturen.
Het concept Westerse democratie valt uiteen in een enorm spectrum, dat er per land in uitwerking zeer anders uitziet. Let wel, in uitwerking. Elk Westers land heeft democratie op een andere manier geimplementeerd, afhankelijk van parameters zoals bevolkingsgrootte, hoeveel minderheden er in het land leven, welke positie organen als de rechtelijke macht hebben en welke ontstaansgeschiedenis het land gevormd heeft.
Maar wat deze democratieën bindt is het gedachtegoed. Een reeks zeer abstracte beginselen, waar zaken als respect voor minderheden,  een geschreven of ongeschreven constitutie, een machtsmonopolie, vrije pers, een vrije burger, vrije verkiezingen en mensenrechten de hoofdrol spelen.
Dit hele pakket noemt men democratie.
In uitwerking is het concept democratie nog lang niet uitgeput, theoretisch heeft de grondslag zich bewezen.

We hebben nu eenmaal weinig geduld. De idee dat China mogelijk pas over een paar honderd jaar democratisch zal worden duurt voor velen te lang. De handdoek wordt na enkele decennia in de ring gegooid, zo lijkt het.
Maar dat mag geen reden zijn om concessies te doen. Consessies aan belangrijke principes. De uitwerking is uiteraard een ander verhaal.

Geert for president



Tuesday, August 3rd, 2010

 

lappendeken2

Natuurlijk, Geert Wilders moet beslist geen minister-president worden. Politiek is toegeven, op je tanden bijten, compromissen sluiten en vaak tot tien tellen. Een minister-president is feitelijk topdiplomaat, waarbij hij zijn partijpolitiek onmiddellijk in zijn zak dient te steken bij het oversteken van de grens.
Dit kan Wilders denk ik niet. Misschien zit ik er naast, maar een dergelijk experiment kan enorme schade aanrichten in het buitenland. Nog steeds is de macht van boycotten wereldwijd aanzienlijk.
Maar wat ik wel hoop: dat Geert Wilders gaat mee-regeren. Misschien in een slappe variant, waarbij hij gedoogsteun verleent, maar nog liever gewoon in het kabinet.
Nu zijn er wel meer die dit hopen. Hierbij zijn grofweg twee partijen te onderscheiden: groep 1, die het gewoon eens is met ‘rechts’ beleid, strenge tucht, drastische maatregelen en nu eindelijk eens regels tegen die vermaledijde rotzakken van moslims.
En natuurlijk groep 2, intellectuelen, boekenlezers, stadsbewoners, kortom de moderne bourgeoisie. Deze laatste groep wil Wilders graag zien regeren, om hem vervolgens keihard onderuit te zien gaan.
Ja, dat zal Wilders’ electoraat nu eens een lesje leren. Het zal van hen in een klap brave en rationele burgers maken.
En waarom wil deze tweede groep dit eigenlijk? Nu, het electoraat van Wilders is net als Wilders uit op polarisatie, op stigmatisering. Groepen in Nederland komen dankzij Wilders en zijn o zo domme kiezers vol haat tegenover elkaar te staan. Daarom moet Wilders kost-wat-kost gestopt worden en moeten zijn kiezers heropgevoet worden middels een soort shocktherapeutische behandeling.

Dit kan wel waar zijn, maar het idee waarbij Wilders onderuit MOET gaan om het titanengevecht tussen autochtoon en allochtoon in de kiem te smoren gaat voorbij aan een aantal zeer belangrijke gedachten. Een opsomming:

1) Volgens de tweede groep, die bourgeoisie bestaat Nederland uit twee groepen die tegenover elkaar komen te staan. De allochtoon en het white trash. De slimme stadsbewoner, met een overtuigde voorkeur voor Paars, ziet dit allemaal met lede ogen aan. Zij zijn hiermee vooral toeschouwer.
Een volstrekt vreemde gedachte.
Er zijn in Nederland niet slechts twee groepen, die onder het oog van de erudieten ruzie maken, met Wilders en consorten als agressors, nee, er zijn er meer. De zelfverklaarde bourgeoisie maakt zelf net zo goed onderdeel uit van het krachtenveld der stigmatisatie en polarisatie. Zo kaatsen Wilders-haters de bal evengoed terug door tal van Facebook-pagina’s waarop men het nodig vindt de excuses voor Geert Wilders’ populariteit te maken in het leven te roepen.
Maar wat nog belangrijker is; tot zoverre Wilders-stemmers denken in termen van groepen, van wij vs de rest, dan gaat dat vooral om de elite versus het klootjesvolk. In andere woorden: Wilders stemmers voelen zich buitengesloten en ervaren Den Haag als een grote glazen stolp. En dan niet alleen Den Haag, maar ook alle exponenten van wat zij zien als elitair en randstedelijk. Hun pijlen zijn dus vooral gericht op de zogenoemde bourgeoisie.
2) Nederland moet nu vooral maar eens bestuurd worden. Herverkiezingen kosten geld, tijd en zijn bovendien een doodsteek voor het idee van een vertegenwoordigende democratie, waarbij de burger de macht voor vier jaar overdraagt. Herverkiezingen zijn niets anders dan de bevolking raadplegen omdat de leiders er niet uitkomen. Bijzonder ongezond om hier naar te verlangen.
3) Hopen dat Wilders zal falen is vooral een wantrouwen in de Nederlandse democratie. We moeten er in een land als Nederland op kunnen vertrouwen dat mensen in staat zijn een stem uit te brengen op hun favoriete partij. Als dit vertrouwen er niet meer is, is de democratie ook om zeep. Een enge gedachte, waar ik allesbehalve achtersta.

Ik vind dus dat Wilders moet gaan regeren. En als dat niet kan: meeschrijven aan een regeerakkoord. En hierbij spreek ik nadrukkelijk de wens uit dat Wilders en zijn PVV gewoon tot het eind in het zadel blijft. Vier jaar dus. Een succesvolle Wilders is in staat om breuklijnen in Nederland te verzachten. Als hij vroegtijdig valt, zullen zijn fans in de gevestigde orde de daders zien.
De kans is dat Nederland er wat anders uit gaat zien. Maar niet gevreesd: veel schade kan hij niet aanrichten. Grondrechten liggen bijzonder stevig verankerd in internationale verdragen. En de overheid is niet meer de belangrijkste speler. Het maatschappelijk middenveld en het bedrijfsleven is er ook nog.
Voor Nederland een mooie kans om eindelijk eens wat liberaler te worden en de macht van de overheid in te binden. Dit klinkt mij als muziek in de oren.

Het volk aan de macht



Saturday, August 8th, 2009

 himmler

Een veelgehoorde uitspraak: Adolf Hitler kwam met zijn NSDAP op democratische wijze aan de macht. Men refereert hier aan de grote verkiezingszege die zij boekten in 1933. Meer dan 40 % van de bevolking zag toen wel iets in de partij van Hitler. Met alle gevolgen van dien.
De veronderstelling of Hitler op democratische wijze aan de macht kwam blijft wat mij betreft een veronderstelling, en zeker geen feit.
Een aantal kanttekeningen zijn bij deze veronderstelling te maken:
In de eerste plaats verkeerde het land in crisis. Zowel een ideele als een financiele crisis. Er was veel werkloosheid en armoede. Bovendien was de moraal tot een dieptepunt gezakt. Van nationale trots was niet veel overgebleven. Je kan je afvragen of het in deze context mogelijk is een goede democratische keuze te maken. Al van oudsher – zo vanaf de oude grieken – werd een moreel gezonde, trotse en vitale burgerij als voorwaarde gezien voor het maken van een evenwichtige democratische keuze.
Een ander punt betreft de rol van knokploegen (gespuis en opportunisten) en vrijkorpsen (gedesillusioneerde en gefrusteerde ex-soldaten). Middels geweld hielpen zij aanvankelijk de NSDAP in het zadel. Later, toen de NSDAP eenmaal aan de macht was, gingen de vrijkorpsen en knokploegen op in de beruchte Stormabteilung (SA). Middels angstcampagnes en overheidsbeleid werd de bevolking gedwongen de Nazi-propaganda te verspreiden. Van studievereniging tot vis-vereniging, het werden allemaal kleine nazi-clubjes. Meedoen was niet echt een keuze. Dit noemde men in mooi Duits de gleichschaltung.
Inplaats van te veronderstellen dat Hitler op democratische wijze aan de macht kwam is het juister te stellen dat Duitsland al een dictatuur was voor de verkiezingen uberhaupt waren begonnen.

Aan de andere kant, en deze uitspraak is op zijn zachts gezegd erg omstreden, ligt het uiteindelijke mandaat altijd bij de bevolking. Volgens mijn eigen – zeer enge – definitie is elk land een democratie, met het volk als uiteindelijke machthebber. Elk volk is in staat om zijn overheid omver te werpen.  Danwel door anders te gaan stemmen, danwel door op te roepen tot revolutie, danwel de wapens te pakken en een burgeroorlog te starten.
Elke dictator heeft draagvlak nodig, een bevolking die tot op grote hoogte in een illusie wil geloven. Dit is niet zo vreemd. Mensen hechten aan een veronderstelde stable state. Een thuis, een habitat dat er morgen nog net zo uitziet als vandaag. Deze hunkering naar stabiliteit is mensenlijk. Je kan er plannen en dromen op maken. Veel mensen zijn dus geneigd de ogen te sluiten, hun drang op straat om vrijheid te schreeuwen in te slikken om zo hun eigen leven veilig te stellen.
Neem nu een actueel voorbeeld als Iran. De Iraanse overheid maakte zich eventjes zorgen. De hele wereld keek naar Iran. Dat het Iraanse regime nu nog op de troon zit is natuurlijk te danken aan al die miljoenen die niet gingen demonstreren. De calculerende  miljoenen.
In Zuid-Afrika en bijvoorbeeld Roemenie bewees men dat voldoende boze mensen tot alles in staat zijn. Beide bevolkingen wierpen hun onderdrukkers omver.
Het is alleen jammer dat de situatie in beide landen uiteindelijk weinig verbeterde.
Er is dus meer voor nodig om een ware democratie te zijn. Zaken als betrouwbare instituties, rechtspraak en een solide middenstand.

In september gaan we in De Balie een aantal van deze dilemma’s voorleggen aan publiek en experts. Op 9 september tijdens een openbaar toegankelijk expertmeeting over democratie. Op 29 september bij een publieksprogramma over de democratie en democratische wortels in Zuid-Afrika.

Heb je alvast vragen of suggesties voor deze bijeenkomsten? Mail me of laat een bericht achter in de comments.